
De functieblok JSON_DECODE decodeert een JSON-tekengroep.
Opmerking: Deze functieblok kan meer dan twee ingangen of uitgangen hebben. U kunt met de rechtermuisknop op de functieblok klikken om een andere in- of uitgang toe te voegen.
De ingang verwacht een tekengroep in het formaat JSON. Er wordt daarbij een object verwacht, beginnend met { en eindigend met } of beginnend met [ en eindigend met ].
De ingangen definiëren de variabele of sleutel, waarnaar in het object wordt gezocht. Moeten subobjecten worden geëxtraheerd, dan kan dit met een nieuwe regel worden gedefinieerd:
Sensor↵OG↵Status
Wordt de ingang niet gedefinieerd of is deze gelijk aan NULL, dan worden geen gegevens geëxtraheerd.
Het is mogelijk om een array op te vragen. Het overeenkomstige index kan als getal worden opgehaald.
Het resultaat wordt naar de tegenoverliggende uitgang uitgegeven.
De uitgang is in het geval van een fout waar. Dit is ook het geval als er geen waarde aan de ingang JSON ligt.
Een uitgang geeft de geëxtraheerde gegevens van de tegenoverliggende variabele terug. Als er geen gegevens zijn of als de JSON-waarde gelijk is aan NULL, wordt de waarde NULL teruggegeven.
Als gegevens of het gezochte object niet aanwezig zijn, wordt NULL teruggegeven. Als het om een object of een array gaat, wordt de tekengroep Array teruggegeven.
Tip: Om te zien of een waarde is gedefinieerd kan de functieblok IS_NULL worden gebruikt.