Functieblok TIMESWITCH_GET

De functieblok TIMESWITCH_GET geeft alle informatie van een gebeurtenis van een tijdschakelaar terug.

Opmerking: De tijdschakelaar moet in hetzelfde element worden opgeslagen.

Ingang TIMESWITCH

Hier wordt de database van de schakelklok als tekenreeks opgeslagen. Deze moet al bestaan als functieblok TIMESWITCH. Let ook op de volgorde van het programma, zodat deze functieblok correct wordt geïnitialiseerd.

Ingang ID

Definieert de ID als tekenreeks van het gebeurtenis.

Uitgang ERR

In geval van fout wordt de uitgang op waar ingesteld. Dit kan zijn als de kalender niet bestaat of de ID niet of ongeldig is gedefinieerd.

Uitgang TITLE

Geeft de titel van het gebeurtenis terug.

Uitgang DT_START

Het startmoment van het gebeurtenis in het formaat DT# terug.

Uitgang DT_END

Het eindmoment van het gebeurtenis in het formaat DT# terug.

Uitgang DIS

Als de uitgang waar is, is het gebeurtenis gedeactiveerd en wordt door het tijdprogramma genegeerd.

Uitgang REPEAT

De uitgang geeft de herhalingen als tekenreeks terug. Deze corresponderen met de hulpfuncties REPEAT_YEARLY, REPEAT_MONTHLY, REPEAT_WEEKLY, REPEAT_DAILY en REPEAT_HOURLY.

De tekenreeks kan door een dubbele punt gescheiden of als volgt opgebouwd worden:

w:2:4:135

Het eerste cijfer (kleincijferig) definieert de tijdsperiode van de herhaling:

Afkorting Tijdsperiode
h Uurlijks
d Dagelijks
w Wekelijks
m Maandelijks
y Jaarlijks

Het tweede cijfer definieert het interval als geheel getal van de herhaling. De kleinste waarde is 1.

Het derde cijfer definieert het einde van de herhaling. Hier kunnen drie verschillende formaten gedefinieerd worden:

  • Geen waarde: De herhaling is oneindig.
  • Als eenvoudig geheel getal: De herhaling eindigt na het gedefinieerde aantal herhalingen.
  • Als datum YYYY-MM-DD: De herhaling wordt voor de datum beëindigd.

Het vierde cijfer definieert de weekdagen waarop de herhaling plaatsvindt. Dit cijfer wordt alleen gebruikt bij het definiëren van wekelijkse of maandelijkse herhalingen.

Wekelijkse herhalingen

Er wordt gecontroleerd of de huidige weekdag in het getal aanwezig is. Meerdere dagen kunnen eenvoudig achter elkaar worden aangegeven. Bijvoorbeeld 135 voor maandag, woensdag en vrijdag. Als geen waarde wordt opgegeven (0 of een lege tekenreeks), dan vindt er op geen dag herhaling plaats.

Getal Weekdag
1 Maandag
2 Dinsdag
3 Woensdag
4 Donderdag
5 Vrijdag
6 Zaterdag
7 Zondag
Maandelijkse herhalingen

Definieert op welke weekdag het gebeurtenis moet worden herhaald. Ondersteund worden getallen van -1 tot 4. 0 of geen declaratie herhaalt elke maand op dezelfde dag, onafhankelijk van de weekdag. De weekdag wordt overgenomen vanaf de eerste datum.

Waarde Beschrijving
-1 Herhaalt op de laatste weekdag.
0 Herhaalt op dezelfde dag. (Standaard)
1 Herhaalt op de eerste weekdag.
2 Herhaalt op de tweede weekdag.
3 Herhaalt op de derde weekdag.
4

Herhaalt op de vierde weekdag.

Uitgang DT_MODIFY

De uitgang definieert de laatste wijziging in het formaat DT#. Deze ingang kan ook ongedefinieerd zijn als het gebeurtenis voor versie 5.0 is gemaakt.