
De functieblok RT_BLINK is een taktgever. De intervallen PT_LOW en PT_HIGH worden daarbij met de echtzeituur gesynchroniseerd.
Opmerking: De tijden van de functieblok zijn absoluut. Dit betekent dat bij het opstarten of na een uitval van de server dezelfde reactie optreedt.
Opmerking: Deze functieblok kan de systeembelasting verhogen, omdat alle gebruikte intervallen op hetzelfde moment worden uitgevoerd. Gebruik anders de functieblok BLINK.
De ingang deactiveert de knipper, reset de interne tijd en houdt de uitgang Q op vals.
Definieert de tijd van de uitgeschakelde toestand in T# voor de uitschakeltijd van de uitgang Q. Is de ingang gelijk aan T#0ms, dan wordt de uitgang Q minstens voor een cyclus vals.
Definieert de tijd van de ingeschakelde toestand in T# voor de uitschakeltijd van de uitgang Q. Is de ingang gelijk aan T#0ms, dan wordt de uitgang Q minstens voor een cyclus waar.
Tip: Alleen de ingang PT_LOW definiëren, wordt er een impuls in het interval gegenereerd.
De uitgang knippert cyclisch, beginnend met waar, na de tijden PT_HIGH (waar) en PT_LOW (vals), als DIS vals is.
De uitgang telt de tijd op tot deze verstreken is en de uitgang Q verandert. Bij het starten van de looptijd is de waarde voor een cyclus T#0ms.
Let Op: Het gebruik van de uitgang ET leidt tot een verhoogde belasting van de PLC.