Een Core-update of een Core-installatie is een besturingssysteem- en functie-upgrade en betreft het hele systeem. Nieuwe servers worden al geleverd met de nieuwste versie. Als u nog Core 1 gebruikt, wordt een upgrade naar Core 2 of hoger dringend aanbevolen. Om te controleren welke versie is geïnstalleerd, ga dan in Antcas Control op ?
LET OP: Voordat u het Core-update uitvoert, moeten alle gegevens absoluut worden beveiligd! Exporteer alle projecten en hun gegevens. Vervolgens exporteert u de systeemconfiguratie in de infrastructuur.
Na het update kan zich het gedrag van de volgende functies veranderen:
Het image om uit te voeren kan bij Antcas via WebDAV worden gedownload. Hiertoe moet het pad https://setup.antcas.com/webdav als netwerkstation worden gekoppeld. De inloggegevens moeten bij Antcas worden aangevraagd. De volgende handleiding helpt u om een nieuwe Antcas Automation Server op te zetten. Afhankelijk van de server verschillen enkele stappen.
Van versie 5.0 af is het mogelijk om uw eigen hardware te gebruiken en te licentiëren. De specificaties of de minimale vereisten verschillen op basis van verschillende factoren. Omdat deze zich voortdurend kunnen veranderen, moet u contact opnemen met Antcas om de geschikte hardware voor uw project te vinden.
Het is ook mogelijk om het image op een virtuele machine te installeren. Meer informatie vindt u in het hoofdstuk Antcas Voyager.
Het is niet mogelijk om derde partij software op een Antcas server te installeren. Dit wordt niet aanbevolen, noch is dit toegestaan. Antcas Control controleert af en toe het systeem op wijzigingen. Als er enige wijzigingen worden vastgesteld, worden alle licenties teruggezet en ongeldig. Als het om een herhaling gaat tegen de licentieovereenkomst, kan een gedeactiveerde licentie niet opnieuw worden geactiveerd.
Na het downloaden en uitpakken van de ISO-bestand moet mogelijk een USB-installatiemedium worden aangemaakt. Hiervoor zijn bepaalde voorwaarden:
Het ISO-bestand kan middels archiveringsapplicatie worden geopend en uitgepakt. Vervolgens kunnen alle bestanden naar de USB-stick worden gekopieerd. De mappenstructuur moet daarbij behouden blijven. Het is ook mogelijk om een ander image in de setup na het uitpakken te integreren. Hiertoe wordt het image in de map setup/ geëxtraheerd. Het pad zou dan setup/Image/ moeten zijn. Let erop dat de structuur gelijk is aan die van het bestaande image.
Let op: Verwijder na het voltooien van het kopieerproces de USB-stick middels medium en verwijder vervolgens de USB-stick van uw PC.
De setup beschikt over een SSH- en console-toegang. De SSH-server kan middels rechtermuisknop op het bureaublad worden geactiveerd. De consoles kunnen via CTRL+ALT+F1 tot CTRL+ALT+F7 worden bereikt. De toegangscodes zijn:
| Gebruikersnaam | user |
|---|---|
| Wachtwoord | AntcasSetup |
BELANGRIJK: VOER DE INSTALLATIE NIET RECHTSTREEKS OP UW PC UIT!
Let hierbij op de minimale hardwarevereisten. Deze zijn te vinden in het hoofdstuk Antcas Voyager. Als de installatie op een fysieke hardware plaatsvindt, moet de server overeenkomstig worden geconfigureerd:
Om het Antcas Server Setup te starten, moet u eerst het bootmenu oproepen. Dit overschrijft vervolgens tijdelijk de huidige opstartvolgorde. Hiertoe moet een toets worden ingedrukt tijdens het opstarten. Meestal is dit een functietoets zoals bv. F2, F7, F8, F11, F12 of ESC. Kies in het menu het UEFI USB-medium. Vervolgens wordt de GNU GRUB Bootloader zoals op de afbeelding wordt getoond.
Opmerking: Als het BIOS geen bootmenu beschikbaar stelt, kan de volgorde in het BIOS-setup zelf worden gewijzigd. Na voltooiing van de installatie moet u de volgorde terugzetten. Anders kan een USB-medium de opstart voorkomen.



Als er meerdere kernels beschikbaar zijn in het image, kunnen deze in een extra stap worden geselecteerd. De setup past de gekozen kernel automatisch aan na de installatie. Een andere kernel dan de standaardkernel (default) moet alleen worden gekozen als het apparaat niet kan starten met de standaardkernel of er ernstige problemen optreden. De setup kan ook worden gestart met andere kernels. Als de setup met de standaardkernel zonder problemen werkt, is het selecteren van een andere kernel over het algemeen niet nodig. In dit geval zal het geïnstalleerde systeem normaal gesproken ook zonder aanvullende aanpassingen starten.





