Functieblok FS_RENAME

De functieblok FS_RENAME hernoemt bestanden of mappen of verplaatst ze naar een andere locatie.

Let Op: Bestaande bestanden worden zonder waarschuwing overschreven.

Het bestandssysteem moet eerst worden geïnitialiseerd met behulp van FS_INIT. Alle operaties vinden asynchroon plaats per aangemaakt opslagmedium.

Ingang RENAME

Bij een positieve flank worden de gegevens op het opslagmedium hernoemd of verplaatst.

Ingang DEV

Definieert het apparaat waaruit toegang tot bestanden moet worden verkregen. Het apparaat wordt per project gebruikt en kan in het contextmenu onder Project Extern opslag beheerd worden.

Ingang SRC_PATH

Geeft het bronpad naar de bestand of map op het opslagmedium aan. Het pad komt overeen met een Unix-bestandspad in UTF-8-formaat, indien dit wordt ondersteund. Het pad wordt als volgt weergegeven:

Map/Submap/Bestand.txt

Ingang DEST_PATH

Geeft het doelpad naar de bestand of map op het opslagmedium aan. De volledige padnaam moet worden opgegeven.

Uitgang DONE

De uitgang geeft bij succes een impuls terug om de volgende operatie uit te voeren. De impuls vindt plaats bij het beïindigen van de taak, zelfs als er een fout is opgetreden.

Uitgang ERROR

Geeft in geval van fout een tekst met een foutmelding terug. Deze is FALSE, als geen fout is opgetreden. De status wordt voor latere gebruik bewaard.

Mogelijke oorzaken:

  • De dienst van het opslagmedium werd niet gestart.
  • Het opslagmedium werd niet geïnitialiseerd.
  • De inloggegevens zijn ongeldig.
  • De externe server kon niet worden bereikt.
  • Het opslagmedium bestaat niet.
  • Het opgegeven pad is ongeldig.
  • Er kan niet op het opslagmedium worden geschreven.
  • Geen opslagruimte meer beschikbaar op de opslag of de opslag is schrijfbeveiligd.