Om een externe toegang via poortforwarding te laten werken, dient u het volgende in acht te nemen:
De server wordt in het interne netwerk aangesproken middels dezelfde DNS-adres, zoals in het openbare netwerk. Dit maakt het mogelijk om slechts één app te gebruiken, ongeacht waar u zich bevindt. De toegang gebeurt dus altijd via een adres:
https://mein-home-name.dyndns.org:8000/
Het adres kan intern anders worden opgelost dan in het openbare netwerk. D.w.z. dat de toegang in uw eigen huis rechtstreeks gebeurt via het IP-adres van de server. Dit is alleen mogelijk als een DNS-registratie in de router kan gebeuren. Indien dit niet mogelijk is, kan de DNS-server van Antcas Control worden gebruikt.
Het poortforwarding wordt op de router geconfigureerd. Hierbij worden de volgende TCP-poorten indien nodig doorgezet naar het interne IP-adres van de server:
| TCP-Port | Functie |
|---|---|
| 8'000 | De visualisatie, deze zou ook een andere poort kunnen hebben, indien anders geconfigureerd. |
| 10'000 | Antcas Control voor de configuratie van de automatisering. |
| 80 | Vereist, indien Let's Encrypt gebruikt moet worden. |
Na het aanmaken van de poortforwarding registreert u een DynDns-adres. De router ondersteunt mogelijk een gratis DynDns-dienst. Anders biedt Antcas ook een DynDns-dienst aan. U kunt de correcte werking altijd testen middels nslookup in het consolevenster van uw besturingssysteem.
Vervolgens is alleen nog het poortforwarding op de firewall en het invullen van de hostnaam vereist.
Tip: Antcas biedt zelf een DynDNS-dienst aan. De exacte werkwijze wordt in het hoofdstuk DynDNS verder uitgelegd.
Na het testen van de DNS-registratie kunt u een certificaat aanmaken. Hiervoor dient u enkel de Server om te dopen in de volledige DNS-naam. Het certificaat wordt vervolgens automatisch gegenereerd. Mogelijk moet onder
Certificaten onder Netwerk de herkomst op "Automatisch" worden ingesteld.
Het zal even duren voordat het certificaat gegenereerd is. Vervolgens moet Antcas Control mogelijk opnieuw geladen worden.
Onder Certificaten in het tabblad SSL-Relay kunt u meerdere interne IP-adressen invullen, waarop de Let's Encrypt-dienst naar een bestand zoekt. Zo is het mogelijk dat ook een NAS of een ander apparaat een certificaat ontvangt.
Indien de router geen hairpin NAT ondersteunt, bestaat er meestal de mogelijkheid om het lokale IP-adres van de server in te voeren in de DNS-server. Dit gebeurt middels zogenaamde A-registratie. Indien de router dit niet ondersteunt, kan Antcas Control hiervoor worden gebruikt. Hiertoe moet bij de router onder de DHCP-instellingen het IP-adres van de DNS-server worden gewijzigd. Het gebruik van de interne DNS-server wordt in het overeenkomstige hoofdstuk verder uitgelegd.