Blokken worden gebruikt om teksten en elementen te genereren. Net als de Autotekst in Word. Met het verschil dat de inhoud serverkantig gegenereerd wordt.
Een blok of ook wel een tag kan in de elementen van de Bibliotheek en bij de
Berichten gebruikt worden.
Een tag wordt gedefinieerd met [sys: en afgesloten met ]. Na het [sys: moet direct de opdracht zonder spaties volgen. De opdrachten worden in het onderstaande hoofdstuk verder uitgelegd.
Binnen een tag kunnen dan de parameters gedefinieerd worden:
[sys:date format="d.m.Y H:i:s" t="%variable%"]
Worden meerdere parameters gedefinieerd, kunnen deze gescheiden worden met een spatie. Ook variabelen kunnen direct gedefinieerd worden. Bezit een waarde van een parameter een spatie, moet de parameter middels "Waarde" verklaard worden.
Het is ook mogelijk dat een parameter een array kan gebruiken. Dit wordt dan gescheiden door komma zoals hieronder gedefinieerd:
[sys:plot color=#F44336,#4CAF50]