De sjablonen vereenvoudigen het beheren van de elementen aanzienlijk. Deze kunnen alleen op de individuele elementen van de Structuur worden toegepast.
De aangemaakte sjablonen worden precies zoals alle andere Explorers beheerd. Let erop dat u altijd de Explorer en de overeenkomstige sjablonen online plaatst.
Alle sjablonen kunnen alleen binnen een project en binnen hetzelfde type element worden gebruikt. Zo kan een Lamp nooit dezelfde sjabloon hebben als een
Stopcontact.
Om een sjabloon te maken, opent u een Element in de
Structuur en klikt vervolgens op
Bewerken. Aan de rechterkant vindt u het widget
Sjablonen. Daar klikt u op Opslaan als sjabloon...
Vervolgens klikt u op Sjabloon toevoegen en geeft een naam voor de sjabloon in. Klik vervolgens op Enter om de sjabloon te maken. Vervolgens klikt u op
Toepassen, om de zo net aangemaakte sjablonen online te plaatsen. Selecteer nu de sjabloon met een dubbelklik.
Vervolgens klikt u nog in het Element op
Toepassen, om de sjabloon te overschrijven.
Om een sjabloon van het element weer te scheiden, klikt u aan de rechterkant onder het widget Sjablonen op Sjabloon scheiden.
Vervolgens klikt u in het Element op
Toepassen, om de sjabloon te scheiden.
Een aangemaakte sjabloon kan ook worden verwijderd. Let erop dat het programmeren van de nog gekoppelde elementen wordt verwijderd en deze vervolgens niet meer correct functioneren.
Om een sjabloon te verwijderen, scheidt u de bestaande sjabloon van het element en klikt u vervolgens op Opslaan als sjabloon... Vervolgens kunt u de sjabloon, zoals een element verwijderen.