Functieblok HTTP_RESPONSE

De functieblok HTTP_RESPONSE decodeert een RAW-antwoord van de HTTP-schnittstelle.

Belangrijk: De ontvangstvariabele van de Schnittstelle HTTP moet het datatype RAW hebben.

Ingang Response

De ingang verwacht een tekenreeks in JSON-formaat. Hij wordt meestal rechtstreeks verbonden met de terugmeldings- of ontvangstvariabele van de Schnittstelle.

Ingang ID

De ingang definieert het ID-nummer van de query. Het ID-nummer wordt gegenereerd bij de query aan de functieblok HTTP_REQUEST. Zo wordt verzekerd dat alleen het antwoord van de vraag met het overeenkomstige ID-nummer wordt bewerkt. Is de ingang niet gedefinieerd, dan wordt elk antwoord geëvalueerd.

Ingang Reset

Is de ingang waar, dan worden alle uitgangen teruggezet naar NULL. Zolang deze ingang waar is, worden de waarden voor de uitgangen niet berekend.

Uitgang Method

De uitgang geeft de methode van de overbrenging terug als tekenreeks. Deze kan bijvoorbeeld "GET", "POST", "PUT" enzovoort zijn.

Uitgang Type

De uitgang geeft de header Content-Type terug als tekenreeks.

Uitgang Header

De uitgang geeft alle header-entries terug als tekenreeks. Meerdere headers worden gescheiden door een regelovergang.

Uitgang Query

De uitgang geeft de query terug als tekenreeks. De query is de waarde na het vraagteken en wordt meestal gebruikt bij GET-verzoeken.

http://server/uri?query

De opbouw van een query ziet er dan zo uit:

var1=waarde1&var2=waarde2&va...

Om de waarden correct over te kunnen brengen, is het raadzaam om de afzonderlijke waarden met de functieblok URL_DECODE of QUERY_DECODE te decoderen, omdat de gegevens mogelijk onvolledig overgebracht worden.

Opmerking: Let op de maximale lengte van een URL als grotere hoeveelheden gegevens moeten worden overgebracht. Gebruik indien nodig de POST-methode en ontvang het query als Content.

Uitgang Content

De uitgang Content is vergelijkbaar met die van de uitgang Query. Echter, de gegevens worden na de header overgebracht en er wordt ondersteuning geboden voor grotere hoeveelheden gegevens. Afhankelijk van de toepassing kan het type Content ook geen query-methode hebben.

Opmerking: Er wordt alleen ondersteuning geboden voor UTF-8-conforme gegevens. Bij het overbrengen van binaire gegevens wordt aanbevolen om deze te coderen met de functieblok BASE64_ENCODE.

Uitgang Length

De uitgang geeft de lengte van de ingang Content in bytes terug.

Uitgang Status

De uitgang geeft de HTTP-statuscode terug als getal. Bijvoorbeeld 200, 404 enzovoort. Is geen status ontvangen, dan wordt de waarde NULL teruggegeven.

Uitgang Error

De uitgang is waar als de ingang Status niet 200 of NULL teruggeeft.

Uitgang ErrNum

De uitgang geeft het cURL-foutnummer terug. Is dit 0, dan is er geen fout opgetreden bij de overbrenging.

Uitgang ErrStr

De uitgang geeft de fouttekst voor de cURL-query terug.