
De functieblok LT is waar als de eerste ingang kleiner is dan de tweede ingang.
De ingangen kunnen een willekeurig datatype bevatten.
De uitgang is waar als de eerste ingang kleiner is dan de tweede ingang.
Opmerking: Let op dat de datatypes niet worden bekeken. Zo is bijvoorbeeld de booleaanse waarde TRUE gelijk aan het getal 1 en gelijk aan de tekenreeks "1".