
De functieblok VALVE3WAY stuur een 3-weggsklep aan.
De doelpositie als integer van 0 tot 255 van de klep. Deze waarde kan rechtstreeks met de PID-regelaar worden verbonden. De vertraging wordt met de ingang PT_MIN vastgesteld.
Een positieve flank aan deze ingang voert onmiddellijk een kalibratie uit. Dit gebeurt door een volledige sluitbeweging met de volle tijd PT_CLOSE. Of het ventiel zich op welke positie bevindt.
Definieert de tijd in T# om het kleppje te openen. De tijd wordt gemeten in een volledige beweging. Deze waarde mag niet worden gewijzigd tijdens de rit.
Definieert de tijd in T# om het kleppje te sluiten. De tijd wordt gemeten in een volledige beweging. Het wordt ook gebruikt voor kalibratie. Deze waarde mag niet worden gewijzigd tijdens de rit.
De vertraging in T# bij richtingswisseling, om het kleppje te sparen. Deze waarde heeft ook invloed op de uitgang POS. Tenzij de ingang SYNC verandert.
Definieert de minimale rijtijd in T# van het kleppje. Dit betekent dat de rit pas begint wanneer deze kan worden gerespecteerd. Tenzij het kleppje naar 0 of 255 rijdt, dan wordt de minimale rijtijd over de positie heen gereden. De kalibratie wordt daarbij niet automatisch uitgelokt.
Definieert de samplefrequentie in T# voor het berekenen van de echte positie van het kleppje. Deze moet kleiner dan PT_MIN gehouden worden, omdat de berekening voor de minimale rit wordt gebruikt.
Stop de huidige rit onmiddellijk en negeert verdere ingangssignalen. Na het ontgrendelen begint de rit opnieuw, indien de rijtijd PT_MIN overschrijdt of naar de positie 0 of 255 wordt gereden. Na het vergrendelen wordt pas gereden wanneer PT_DELAY is verlopen.
Geeft voor het vertrek de doelpositie als integer tussen 0 en 255. De waarde 0 is gesloten en 255 open. Na het rijden wordt de uitgang overschreven met de werkelijke positie.
Deze uitgang kan worden gebruikt om een 0-10V-klep aan te sturen. Het voordeel is het instellen van de minimale rijtijd. De kalibratie heeft geen invloed op de uitgang.
Deze binaire uitgang wordt rechtstreeks met de hardware-uitgang voor het openen van het kleppje verbonden.
Deze binaire uitgang wordt rechtstreeks met de hardware-uitgang voor het sluiten van het kleppje verbonden.
Is waar als het kleppje de richting verandert en de blokkeertijd PT_DELAY actief is.
Volgt de positie van het kleppje in real-time. De positie wordt als drijvende kommagetal tussen 0 tot 255 uitgegeven. Met de ingang PT kan de samplefrequentie worden ingesteld. Deze optimaliseert bij hogere tijden de prestaties van de PLC. Na het einde van de rit wordt deze waarde onmiddellijk ingesteld.
Geeft het aantal ritten terug. De waarde wordt bij de kalibratie van het kleppje op 0 teruggezet. Het wordt aanbevolen om het kleppje na een bepaalde hoeveelheid ritten en na een bepaalde tijd zonder kalibratie opnieuw te kalibreren.